Een jaar na de grote Tsunami in Azië

 Photo: http://garudamagazine.com

Photo: http://garudamagazine.com

Chennai, India – 26 december 2005

 

Ik zit in een mooi kerkje in Chennai, dat vroeger Madras heette, aan de oostkust van India. Er schijnt een bundel zonlicht precies op een groot beeld van Christus, die glimlachend en vol compassie met open armen op het altaar staat. Er is een herdenking gaande van de grote tsunami, die precies een jaar daarvoor plaatsvond op 26 december 2004. Veel mensen huilen.

Na de kerkdienst loop ik op het strand en kijk naar de zee. Een jaar geleden stortte de tsunami op dit strand en sleurde hier meer dan 1000 mensen in Chennai de dood in.

Ik ga zitten op een terrasje en bestel een kopje thee. Er staat maar één grote tafel op het terras waar iedereen aan zit. Naast mij zit een oude magere Indiër met een diep gerimpelde huid. Hij zit te schrijven en kijkt naar mij op. Ik kijk hem in de ogen die als stralende diamanten glinsteren. Hij vraagt mij in prima Engels waar ik vandaan kom. 

‘Ik kom uit Holland en ben een wintervluchteling.’

De man lacht. ‘Hoe lang ben je al in India?’

‘Drie weken,’ antwoord ik. ‘Ik blijf nog een week. Woont u in Chennai?’ vraag ik.

‘Ja, inderdaad. Niet ver hiervandaan.’

‘Waar schrijft u over?’

‘Over de zin van de tsunami vanuit verschillende religieuze gezichtspunten. Ik ben professor in filosofie en religie.’

‘Heel boeiend,’ zeg ik, ‘dat is ook een grote interesse van mij. Ik verdiep mij al vanaf mijn 18e in filosofie en religie,’ zeg ik. ‘Bent u hindoe?’

‘Ik ben geboren in een hindoeïstische priesterfamilie, maar ik identificeer mij niet meer met het hindoeïsme. Ik noem mijzelf dus geen hindoe. Ik denk universeel. Alle religies leiden in essentie naar hetzelfde doel.’

‘Bent u nog niet met pensioen?’ vraag ik.

‘Nee hoor, ik ben nog maar 80,’ antwoordt hij lachend. Mijn naam is Rao, aangenaam.’

Er komen wat Indiërs en toeristen bij ons aan tafel zitten. Sommigen had ik ook in het kerkje gezien. We raken met elkaar in gesprek. 

‘De tsunami is het bewijs dat er geen God bestaat,’ zegt een jonge Engelse backpacker met lang blond haar en een beginnend baardje.

‘Dus jij bent atheïst,’ grinnikt professor Rao.

‘Inderdaad! ‘God is volgens de meeste religies almachtig, algoed en alwetend toch?’ vervolgt de backpacker.

‘Jazeker,’ zegt Rao.

‘Waarom zijn er dan 230.000 mensen in een paar minuten weggevaagd door de tsunami? Kon God die golf niet tegenhouden?’

De andere aanwezigen zijn stil.

‘En waarom laat God vulkanen uitbarsten?’ vervolgt de backpacker. ‘Waarom laat hij duizenden mensen sterven door aardbevingen en overstromingen? Waarom laat hij miljoenen mensen creperen van de honger? Waarom wordt de ene baby gezond geboren in een rijk land met liefdevolle ouders en de ander invalide, in een arm land met slechte ouders? Waarom heeft God zo’n ellendige wereld geschapen en waarom kan hij dit leed niet wegnemen?’

‘Je hebt je goed verdiept in de atheïstische argumenten tegen religie,’ zegt de professor.

‘Als God almachtig is,’ vervolgt de jongeman,’ dan zou dat toch geen probleem voor hem zijn?

Het is weer even stil.

‘Of is hij niet algoed?’ redeneert de jongen verder. ‘Heeft hij ook sadistische kantjes? Wil hij regelmatig een flinke portie leed in de wereld brengen?’

‘Je bent filosofisch aangelegd,’ merkt Rao op.

‘Of is hij niet alwetend? Weet hij niet hoe hij het leed weg kan nemen?’ zegt de backpacker.

‘God weet alles, anders zou hij niet God zijn,’ zegt een oude Indiase vrouw.

‘Of is hij gewoon slordig waardoor dingen soms helemaal fout gaan?’ vervolgt de backpacker baldadig. ‘Waarom heeft God niet ingegrepen tijdens de holocaust? Waarom heeft hij Mao Tse Tung zijn gang laten gaan tijdens de culturele revolutie in China waar hij miljoenen mensen heeft laten vermoorden? Waarom heeft hij Stalin niet gestopt tijdens zijn miljoenenmoorden?’

‘Volgens het hindoeïsme is alle leed een speling van karma,’ zegt een Indiër met een grote streep van klei op zijn voorhoofd en een lange grijze baard. ‘De slachtoffers van de tsunami moesten dit ervaren vanwege negatieve daden in hun verleden. Heel veel slachtoffers waren vissers die de zee hebben leeggeroofd. De zee was kennelijk kwaad en veroorzaakte de tsunami. We kunnen God niet verantwoordelijk stellen voor het leed van de mens. Ieder mens is verantwoordelijk voor zijn eigen leed.’

‘Bent u hindoe?’ vraagt de packpacker.

‘Jazeker, zegt de man.’

‘Hoe zit het met de vele kinderen die zijn verdronken? Waar hebben die dat aan verdiend?’ vraagt de backpacker.

‘Dat weet alleen God. De wet van karma is heel complex. Er kunnen ook vorige levens mee te maken hebben. Niemand weet precies waarom al die kinderen moesten verdrinken. Dat weet alleen God.’

‘Gods wegen zijn ondoorgrondelijk,’ zegt een jonge Indiase vrouw met een kruisje aan haar halsketting. Ik had haar in het kerkje gezien. 

‘Wij kunnen onmogelijk begrijpen waarom al die mensen moesten overlijden,’ vervolgt de vrouw. ‘God heeft daar een speciale reden voor gehad, maar we weten niet waarom hij dit liet gebeuren. We kunnen er niet over speculeren. Ik ben zelf mijn man verloren tijdens de tsunami.’ 

Haar ogen worden nat en ze pakt een zakdoek.

‘Mijn man was een heel goed mens,’ vervolgd de vrouw, hij heeft geen vlieg kwaad gedaan in zijn leven.’ 

‘Ik ben agnost,’ zegt een jonge Israëliër die er net met zijn vriendin bij is komen zitten. ‘We weten zo ontzettend weinig over het universum, de natuur en een mogelijke God, dat wij er niets over kunnen zeggen.’

‘Heb jij een joodse achtergrond?’ vraag ik hem.

‘Ja, maar ik identificeer mij niet meer met het jodendom.’

De andere aanwezigen zwijgen. 

'Ik weet niets over God,’ vervolgt de Israëliër, ’daarom doe ik er geen uitspraken over. Ik weet niet of er wel of niet een God bestaat. Ook over zaken als de hemel, reïncarnatie of karma doe ik als agnost geen uitspraken. Dat zijn zaken die wij niet met onze zintuigen kunnen waarnemen of met het verstand kunnen bevatten.’

‘Religie is opium voor het volk,’ zegt de backpacker.

‘Misschien ben je diep in je hart feitelijk toch gelovig,’ zegt de weduwe tegen de backpacker, ‘maar ben je atheïst geworden uit rebelsheid.’

‘En heb je daarbij ook God overboord gegooid,’ zeg ik, ‘en zo de baby met het badwater weggegooid.’

‘Nee hoor. Ik ben een overtuigd atheïst.‘

‘Of heb je gewoon een hekel aan het hele idee van God?’ vraagt de hindoe met de gele strepen.

‘Nee hoor, ik heb niets tegen God,’ zegt de backpacker, ‘ hij bestaat gewoon niet. Ik geloof in evolutie. Er is helemaal geen God nodig om het ontstaan van de wereld te verklaren. Darwin heeft het al in de 19e eeuw aangetoond.’

‘Denken jullie dat alle slachtoffers weer reïncarneren?’ vraag ik, kijkend naar de Indiërs.

‘De meeste wel, daar ben ik van overtuigd’ zegt een Indiase vrouw gekleed in een traditionele sari. ‘Ik las vorige week in de krant dat een jonge vrouw in Thailand tijdens de tsunami drie kinderen had verloren. Een paar maanden na de tsunami werd ze zwanger. Ze is vorige week bevallen van een drieling. Ze gelooft dat de drie baby’s haar verdronken kinderen zijn. Die zijn alle drie tegelijk bij haar gereïncarneerd. Dus de zielen van haar verdronken kinderen wilden weer terugkomen bij hun moeder.’

‘Dan was ze vast een hele goede moeder,’ zegt Rao glimlachend.

De meeste aanwezigen knikken instemmend.

‘Zou het ook kunnen dat de tsunami helemaal niets met karma te maken heeft?’ vraagt een Indiase vrouw met een rode stip op haar voorhoofd. ‘Zijn natuurrampen er niet voor bedoeld om ons er van bewust te maken dat de aarde niet ons einddoel is?’

‘Dat is ook een mogelijkheid,’ zegt de professor. ‘De meeste religies zien de aarde niet als einddoel. Zij zien de hemel of het paradijs als onze uiteindelijke bestemming.’ 

Misschien zit er wel een hele andere bedoeling achter de tsunami,’ zegt de Israëlische vrouw, ‘een bedoeling die niemand van ons ooit zal begrijpen.’ 

 

‘De tsunami,’ zegt professor Rao, ‘is een ramp die heeft huisgehouden in India dat voornamelijk hindoeïstisch is, in Thailand dat voornamelijk boeddhistisch is en in Indonesië dat voornamelijk islamitisch is. Ook leven er in Zuid India en Sri Lanka een aantal christenen die door de ramp getroffen zijn. Daarnaast zijn er veel mensen die traditionele natuurreligies volgen. De ramp heeft alle leden van deze religies en iedereen in de rest van de wereld geconfronteerd met de diepste vragen over leven en dood en de zin van het bestaan.’